Een blik terug, maar ook vooruit



De wortels van Eneco gaan terug tot het midden van de negentiende eeuw. Na een historie van samenwerking en fusies van gemeentelijke nutsbedrijven ontstond in 1995 het huidige Eneco. Nog steeds zijn onze aandelen in handen van 55 Nederlandse gemeenten.

Eneco staat aan de basis van de energievoorziening in Nederland

Gemeentelijke nutsbedrijven ontfermden zich in de tweede helft van de negentiende eeuw over de productie en levering van gas en elektriciteit. Hieruit is Eneco ontstaan. We staan dus aan de basis van de energievoorziening in Nederland.

Bekijk hier de pdf van de historische tijdlijn.

Geschiedenis

  • 1800 De eerste vormen van energie

    De geschiedenis van de energievoorziening in ons land gaat terug tot het midden van de negentiende eeuw. Rond die tijd werd een begin gemaakt met de productie van gas. Dat gebeurde door in fabrieksinstallaties steenkolen te verbranden. Het gas dat daarbij vrijkwam werd gebruikt voor straatverlichting en verlichting in woningen.

    De gasfabrieken waren in particuliere handen en door de geringe capaciteit was de gasprijs hoog. Alleen welgestelden konden zich gasverlichting en later ook -verwarming veroorloven. Minder gefortuneerden, de overgrote meerderheid, waren aangewezen op alternatieven, zoals het verstoken van hout.

  • 1850 Betaalbare energie voor iedereen

    Al vrij snel na de oprichting van de gasfabrieken begonnen de gemeenten zich over de activiteiten te ontfermen. De gasproducenten werden nutsbedrijven. Het proces dat de gemeenten in gang hadden gezet, leidde er uiteindelijk toe dat iedereen gas kon gaan gebruiken tegen betaalbare prijzen.

  • 1880 Op weg naar energiebedrijven

    Omstreeks 1880, dus niet lang na de start van de gasproductie, kwam nog een andere vorm van energie opzetten: elektriciteit. De eerste stad in Nederland waar met 'stroom' werd geëxperimenteerd was Rotterdam.

    In Kinderdijk werd de eerste elektriciteitscentrale gebouwd in 1886. Via een net werd de elektriciteit aan klanten geleverd. Het ging om een particulier initiatief, maar vrij spoedig gingen ook deze activiteiten over naar de gemeente. Langzaam groeide de productie en distributie van gas en elektriciteit naar elkaar toe en ontstonden er echte 'energiebedrijven'.

    Bekijk enkele jaarverslagen van de energiebedrijven uit de periode 1880-1906.

  • 1930 Allemaal onder de douche!

    's Nachts was de vraag naar elektriciteit een stuk minder dan overdag. Om de productie en afname meer te spreiden werd 'nachtstroom' geïntroduceerd, elektriciteit tegen een voordelig tarief.

    Het gebruik van boilers en geisers werd steeds meer gepromoot en het werd zelfs mogelijk om de apparatuur te huren bij het gemeentelijk energiebedrijf. Steeds meer mensen konden (in eigen huis) een douche nemen en dat was precies de bedoeling van de beleidsmakers. Nederland zou er weer een stukje hygiënischer op worden!

    Ook in de jaren '30 maakte het gasbedrijf al reclame om de gasverkoop te vergroten. Bioscoopreclame was heel gebruikelijk. Klik hier om de toen gebruikte bioscoopdia's te kunnen zien.

  • 1945 Stadsverwarming voor Rotterdam

    De oorlog was een turbulente periode voor ons land, er was gebrek aan eigenlijk alles. De energiebedrijven moesten, net als organisaties in andere sectoren, rantsoeneren. Ondanks de schaarste slaagden gemeenten er in om de energievoorziening redelijk op peil te houden. Rotterdam werd erg zwaar getroffen, het hart van de stad was weggebombardeerd.

    Bij de herbouw gingen dikke buizen de grond in voor stadsverwarming. Deze plannen waren al voor de oorlog gemaakt om de restwarmte van elektriciteitscentrales te gaan gebruiken voor het verwarmen van wijken. Hiermee volgde Rotterdam Utrecht, die al in de jaren 20 was begonnen met stadsverwarming.

  • 1950 Samen werken aan meer efficiëntie

    Na de oorlog brak een nieuwe periode aan, ook voor de energiebedrijven. In Zuid-Holland was enkele jaren eerder al het initiatief genomen om energiecentrales aan elkaar te koppelen. Rotterdam had een eigen centrale, net als Dordrecht, Gouda, Leiden en nog enkele andere steden in de regio. In deze tijd kwamen de eerste hoogspanningsleidingen, boven én onder de grond.

  • 1960 Gasfabrieken voortaan overbodig

    De jaren 60 zouden een ware revolutie teweegbrengen, want er was een grote hoeveelheid aardgas gevonden in het Groningse Slochteren. Dat maakte de gasfabrieken, waar toen nog kolen gestookt werden, uiteindelijk overbodig. Het aardgas kwam immers rechtstreeks uit de grond. Wel was er een enorme ombouwoperatie nodig om de nieuwe bron te kunnen benutten.

    De gasfornuizen en kooktoestellen van de consument waren wel geschikt voor stadsgas, maar niet voor aardgas. Het gasleidingnet zelf moest ook gedeeltelijk worden vernieuwd.

  • 1995 Eneco wordt opgericht

    De ontwikkelingen in de energiesector hadden niet alleen betrekking op grondstoffen, winning en productieprocessen, ook op organisatorisch vlak gebeurde er veel. Gas- en elektriciteitsbedrijven gingen steeds nauwer met elkaar samenwerken om zo een grotere efficiëntie te bereiken.

    In de loop van de jaren 80 vonden de eerste fusies plaats. De 'nieuwe' energiebedrijven waren niet langer (uitsluitend) in gemeentelijke handen. Volgens de wet kunnen gemeentebedrijven niet fuseren. Wel bleven de gemeenten als aandeelhouder bij de bedrijven betrokken.

    Inmiddels waren door fusies de energiebedrijven Den Haag, Dordrecht en Rotterdam ontstaan. In 1995 vormden ze samen een nieuwe organisatie: Eneco. Het stond voor “ENErgie en COmmunicatie”, wat te maken had met de kabelactiviteiten van twee van de fusiepartners. Op dat moment was Eneco, met 1 miljoen klanten, het grootste energiebedrijf van Nederland.

  • 2000 Naar ENECO Energie

    In juli 2000 fuseerde Eneco met zes regionale energiebedrijven. De naam van de samengevoegde bedrijven werd ENECO Energie. Deze naam maakt direct duidelijk wat het bedrijf voor de klanten doet: energie leveren. De kabelactiviteiten werden namelijk overgenomen. Twee andere energiebedrijven werden via een overname aan Eneco toegevoegd. In 2003 werd het Utrechtse energiebedrijf REMU gekocht en geïntegreerd.

  • 2008 Eneco als meest toekomstgerichte energiebedrijf

    In 2008 introduceerde Eneco haar duurzame strategie, met continuïteit van energie als doel en verduurzaming als enige realistische en rendabele weg om verder te komen. Visueel wordt de strategie ondersteunt met een nieuw logo en nieuwe huisstijl.

    In 2008 zijn de activiteiten van productie/handel/levering, netbeheer en infra ondergebracht in aparte bedrijven met elk een eigen naam en huisstijl. Door deze herinrichting zijn Stedin (voorheen Eneco Netbeheer) en Joulz (voorheen Eneco Infra) als kernbedrijf ontstaan.

  • 2010 Versterking Duurzaamheidsstrategie

    De overname van delen van Econcern in 2009 betekent voor Eneco een versterking van de duurzaamheids-strategie. De internationale activiteiten van Eneco in wind- en zonne-energie en biomassa zijn hiermee flink uitgebreid. In België zijn we een belangrijke duurzame elektriciteits-leverancier.

    Dankzij onze focus op lokale productie van duurzame energie zijn wij er in geslaagd uit te groeien tot een solide en snel groeiende leverancier, een top-5 speler in de Belgische zakelijke markt.

    Ook in Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk realiseren we onze ambities op het gebied van duurzame energieproductie. Tenslotte zijn we wereldwijd actief in de handel in (duurzame) energieproducten en CO2-emissierechten.

  • 2011 Groene stroom voor alle retailklanten

    Per 1 januari 2011 krijgen alle particuliere en MKB klanten groene stroom van Eneco. Om dit te realiseren koopt Eneco voor deze klanten alleen nog groen in of produceert het zelf de groene elektriciteit. Het aantal groenestroom klanten is hierdoor bij Eneco in één keer ruim verdubbeld.

  • 2011 Eneco neemt OXXIO over

    Eneco neemt Oxxio over van het Britse Centrica. Deze overname betekent een uitbreiding van onze duurzame leveringsportefeuille met ruim 426.000 klanten. Daarmee verstevigen we onze positie als een van de grote energieleveranciers van Nederland, met circa 2,1 miljoen klanten.

    Oxxio wordt als zelfstandig merk voortgezet. De klanten van Oxxio kunnen blijven rekenen op innovatieve oplossingen zoals slimme meters en scherpe prijzen voor duurzame stroom en gas.

  • 2011 Samenwerken met het WNF

    1 november 2011, Eneco en het Wereld Natuur Fonds gaan samenwerken aan de verduurzaming van onze energievoorziening. Eneco is het eerste energiebedrijf ter wereld dat het predikaat Climate Saver krijgt. In het internationale Climate Savers Programme maken bedrijven afspraken met WNF over de eigen CO2-reductie en over gebruik en productie van schone energie.

    Het partnerschap tussen Eneco en WNF omvat meer dan alleen het Climate Savers programma. Zo zal Eneco het Borneo-project van het WNF, dat zich richt op bescherming van de orang-oetan ondersteunen. Daarnaast ontwikkelen de twee een concept voor de stad van de toekomst. Dit resulteert in een pilot waarbij de energievoorziening in een nog te bepalen wijk of stad zo duurzaam mogelijk wordt gemaakt.


Snel naar

Bekijk de corporate brochure Projecten